Archief Frits de Coninck
199319941995199619971998199920002001
3 Belgen
Ad Petersen
Annet van de Elzen
Arnoud de Blauw
Beelden
Biezen
Birgitt van Bracht
De Muzen
De Verbeelding
Eindexamenwerk St.Joost
Engels design
Fotografica
Frans Kerkhoff
Franse schilderkunst
Gaby Bovelander
Henk Klok
Herman Gordijn
Het sublieme gemis
Jan Fabre
Jan Hoet
Jan Hoet 2
Jan Hoet 3
Jean-Michel Alberola
Jean-Pierre Caumiant
Jeroen Bechtold
Jeroen Doorenweerd
Johan Clarysse
Jon Marten
Kees Mol
KunstRAI 1993
Leon Adriaans
Lotti van der Gaag
MUHKA
Marcel Maeyer
Martien de Visser
Middelheim
Miquel Barcelo
Mireille van 't Hoff
Miriam Slaats
NBKS 1
NBKS 2
Open Ateliers
Pieter Ouborg
Rick Koren
Right of Speech
Robert Wilson
Rosemarie Trockel
Signmar Polke
Textielmuseum
Thijs van Kimmenade
Tine van de Weyer en Bert Poulisse
USA Today
Vormen van sculptuur
Vrij Spel
Willem Pak Fo Tjon
Wim Claessen
Wim Schuetz
Witte de With
Wolfgang Laib
Wolfslaar
Yvon Ne
Zoersel







Het schilderen van Yvon Ne is in zich zelf besloten. De wereld die zij op haar doeken schept, bestaat alleen in haar schilderkunst en is geen verslag van wat gezien is. Hooguit van wat beleefd en gedacht is. En toch ervaar je haar werk als landschappelijk en ruimtelijk. Zij slaagt erin om tussen het geschilderde vlak en de met de kwast getekende lijnen een ruimte te suggereren. Kleur en vorm gaan niet in elkaar op maar blijven zelfstandig. In onze waarneming ervaren en benoemen we het in kleur geschilderde platte vlak als achtergrond en het in zwart neergezette lijnenspel als voorgrond. De lijnen die op het eerste oog door elkaar heen dwarrelen, vallen hier en daar in een patroon samen waardoor in de veelheid een vorm opduikt. En die vorm is een landschappelijk element, een berg, een weg, een zon. Op die manier lijkt de min of meer concreet zichtbare vorm een toevalligheid, iets wat uit het schilderen voortkomt. Dat is dus iets anders dan alleen maar een landschap en niets anders dan een landschap willen schilderen. Yvon Ne schildert en zoekt al schilderend naar ritme en structuur. In die zin zouden we haar werk kunnen opvatten als een stijlfiguur, en wel een steeds voortgaande herhaling. Haar schilderijen gaan daarover. Ze tonen een eigen wereld die gevuld is met de eeuwig herhaalde beweging van schilderen en tekenen. In een vast ritme. Uit die herhaling doemt voorzichtig een vorm op die we denken te herkennen. Maar de lijnen blijven primair. Het is alsof de voorstelling schuil gaat achter de herhaling, achter de stijlfiguur dus. Zo is haar landschap een raadsel, iets waarvan je het bestaan vermoedt zonder het echt concreet te zien. Dat raadsel krijgt een vervolg in de titel, zoals "Meeuwenstilte (als alles grens wordt)", een dichterlijke formule van het mooiste schilderij dat op de expositie in galerie Segeren te zien is. De herhaling als stijlfiguur zet zich voort in de vorm van vele van haar schilderijen. Die hebben een langgerekte, rechthoekige vorm. Bij uitstek de vorm van het vertellen, een altijd maar doorgaand patroon. Zo'n doek van haar is als een fries op een klassieke tempel, een langgerekt vlak tussen architraaf en kroonlijst dat gebruikt werd om gebeurtenissen uit te beelden, de ene na de andere, een herhaling van vormen. Yvon Ne in galerie Segeren, nabij de Ginnekennmarkt in Breda, tot 31 december.