Archief Frits de Coninck
199319941995199619971998199920002001
Co Westerik
Jaap de Vries
Johan Lennarts
Karel V
Loek Grootjans
Lokaal 01
Mark Brusse
NBKS
Paul van Dongen







Het lege kwartier Het is een merkwaardig landschap dat zich heeft genesteld in de ruimtes van de NBKS. Voor wie niet voorbereid is op wat er te zien is, is de entree verrassend en luchtig. Via een heuse glijbaan zoeft de bezoeker de tentoonstelling binnen: lachend maar zonder enige kans op aarzeling staat die meteen midden in een tentoonstelling van zes beeldend kunstenaars. Zes verschillende kunstenaars van wie het niet meteen duidelijk is wat ze met elkaar te maken hebben. Kijken alleen is hier ook niet voldoende, althans niet om te weten wat hier achter schuilt aan bedoeling. Deze gezamenlijke presentatie heeft een historie die begon in het Grafisch Atelier Daglicht in Eindhoven waar de kunstenaars op uitnodiging van de Technische Universiteit Eindhoven gingen tekenen met een computerprogramma. Dat leidde tot een verhaal en vervolgens tot deze tentoonstelling. De hoofdrolspelers van de tentoonstelling Het lege kwartier blijken van het verhaal uit gezien eigenlijk de figuranten te zijn. Loek Grootjans, Jolande Traa, Carlo Storimans, René Korten, Marc Nagtzaam en Sef Peeters zijn de beeldend kunstenaars die met hun werk deze zaal bespelen. Ze reageren op het verhaal van Florette Dijkstra, zelf ook beeldend kunstenaar. Dijkstra heeft een verhaal geschreven, getiteld Het lege kwartier, waarin zij op zoek gaat in een fictief land naar een groep van zes onderzoekers. Deze zes zijn inderdaad de kunstenaars, die onder eigen naam figureren in het verhaal. In een nog niet ontgonnen deel van onze planeet, een woestijnachtig landschap, verrichten de zes voor onbepaalde tijd onderzoekswerkzaamheden. Dijkstra zoekt hen op in hun kampement en controleert de voortgang van hun werkzaamheden. Op de loop van het verhaal heeft elk der deelnemers zijn eigen invloed. Ieder kan het verhaal een eigen wending geven. Het verhaal is science-fictionachtig en heeft tegelijk door het gebruik van de eigennamen een zeker waarheidsgehalte. Als illustratie dienen ook afbeeldingen van werk dat echt bestaat. De kunstenaars konden in hun contact met Florette Dijkstra invloed uitoefenen op hun eigen verhaal en tegelijk werden ze als verhaalpersoon ook gewoon geportretteerd. Ze zijn spelers en marionetten tegelijk. De tentoonstelling die nu in de NBKS is ingericht, is een reactie van elk der kunstenaars op het verhaal. Alle werken tezamen, hoe verschillend op zich zelf ook, zijn elementen uit een fictief landschap. De tentoonstelling is een grote metafoor van iets wat in het manuscript schuilgaat. Dat besef geeft ineens betekenis en verband aan iets wat op het eerste, niet wetende oog een onwerkelijke en onduidelijke wereld is. Achter de feitelijke presentatie gaat een web van verwijzingen schuil die de losse dingen samen bindt tot een installatie. De entree is in dat perspectief een vondst. Wie binnenkomt, kijkt tegen een grote houten barrière aan over de volle breedte van de zaal. Een soort van skischans. Links tegen de muur heeft Loek Grootjans een conceptuele ingreep verricht. Op de muur heeft hij een aantal keren boven elkaar de teksten 'position to verify' en 'perfect' aangebracht. Een berg van taal die eindigt bij vier houten plateaus hoog aan de muur van waaruit de kijker een prima uitzicht zou hebben over het nog onzichtbare landschap. De teksten prikkelen. Je zou op zo’n plateautje willen zitten zoals je altijd hogerop wilt. Maar op taal kun je niet zitten. De teksten maken de bezoeker bewust van zijn aanwezigheid, zonder dat hij nog weet heeft van wat hij precies zou moeten onderzoeken. Van de ruimte achter de schans heeft hij nog steeds niets gezien. Dus dan maar de trap beklommen die tegen de schans aanstaat. Aan de andere kant van de trap is de glijbaan die een niet meer te stuiten deelname aan de ruimte oplevert. Je staat er als kijker ineens middenin. Links en rechts naast de glijbaan heeft Jolande Traa een elegant woud van witte draden gehangen die heel subtiel een gevoel van ruimte oproepen. De ruimte ziet er onwerkelijk uit. Op de vloer een zilverkleurige bedekking die tegen de muren oploopt als een wat groot uitgevallen plint. De vloer gaat daardoor zweven. In die stille leegte heeft Carlo Storimans twee heel opvallende beelden neergelegd. De beelden zijn volkomen autonoom en onaantastbaar. Het ene beeld lijkt een buis, het andere een dubbele speeltol. Maar geen enkele verwijzing naar een bestaand voorwerp is waar. De vormen staan volstrekt op zichzelf. Ze zijn opvallend wegens hun donkerte, hun industriële perfectie, hun vorm, hun materiaal. De hoek van de tekenaar Marc Nagtzaam die daarnaast is ingericht, trekt het verhaal naar een heel persoonlijke kant. Het lijkt alsof hij zich een onderkomen heeft willen bouwen in een denkbeeldige wereld waarin je je nergens echt thuis voelt. Zijn bijdrage is een verhaal in het verhaal, van leegte en eenzaamheid. Hij zoekt een toevlucht in tekeningen, nog te maken of al af. De tentoonstelling Het lege kwartier is niet alleen maar de uitbeelding van en de reactie op een verhaal. Ze is zelf een verhaal geworden. De verbazing van de kunstenaar over zijn rol in het geschreven verhaal (Ben ik dit? Is dit mijn werk?) is omgezet in een voelbare verbazing in deze echt bestaande ruimte. In de NBKS is een merkwaardige, intrigerende tentoonstelling ingericht die langzaam maar zeker een samenhangende wereld wordt, vol van betekenissen. De dubbelzinnigheid van Sef Peeters die op de muur het woord WAAR projecteert waarbij over de letter W de letter M wordt geprojecteerd, is het aforisme van deze denkbeeldige wereld. Waar en Maar, de voortdurende twijfel aan wat waar is. En dat is het ware kenmerk van de kunst. De tentoonstelling Het lege kwartie duurt tot 29 maart en is van dinsdag t/m zondag te zien van 13.00 tot 17.00 uur. NBKS, Reigerstraat 16, Breda.