Archief Frits de Coninck
199319941995199619971998199920002001
Ab van Hanegem
Desorientierung des Blickes
Figuratieve kunst
Fotografie in de 19e eeuw
Francis Bacon
Gerrit Benner
Jan Andriesse
Jan Fabre
Kunst op de Koekoek
Kunstleer
Kunstuitleen
Lokaal 01
Martin van Vreden







De virtuele wereld van het schilderij Ab van Hanegem is terug in Breda. De schilder die van 1979 tot 1985 is opgeleid aan de academie voor beeldende kunst Sint Joost heeft een grote expositie in De Beyerd. Tegelijk heeft hij samen met de mensen van kunstenaarscollectief Lokaal 01 aan de Kloosterlaan een tentoonstelling gemaakt van werk van kunstenaars met wie hij bevriend is of met wie hij zich in het werk verwant voelt. Deze dubbele aanwezigheid levert een verrassende blik op de schilderkunst op. En, nog belangrijker, ze brengt het verband in beeld waarbinnen zijn werk thuishoort en verstaan moet worden. Ab van Hanegem (Vlissingen, 1960) is een pure schilder in de formele traditie van het woord. Een traditie die de schilderkunst in Nederland door de eeuwen heen een eigen identiteit heeft bezorgd. Het is de benadering van de werkelijkheid die niet alleen uit is op een weergave van wat we zien en beleven, maar die tegelijkertijd ook met enige nadruk aandacht vestigt op de middelen waarmee de kunstenaar zijn werkelijkheid verbeeldt. Het is met andere woorden beeldende kunst die ook zichzelf analyseert. Ab van Hanegem schildert met acryl op doek amorfe vormen die nog het meest weg hebben van breed geschilderde banen verf. Of het zijn ondefinieerbare vormen die lijken te drijven op het doek, die de leegte van het platte schildersvlak vullen. Maar altijd plastisch van aard en in een afgewogen compositie. Overigens, schilderen doet hij bijna niet meer met penseel, hij spuit de verf op doek zodat een expressieve penseelstreek uitgesloten is. Schilderen is op die manier minder emotie en veel meer abstractie, kunst van de geest. Een doek van Van Hanegem zit boordevol zorgvuldig geregisseerde beweging die door lijkt te gaan buiten het beeld. Dat geeft een gevoel van een enorme expansie, alsof we maar een fragment zien van een eindeloosheid die zich uitgerekend buiten het schilderij voltrekt. In de bovenzaal van Lokaal 01 staat een video-installatie van Driessens en Verstappen die een prachtige metafoor oplevert van de kunst waar we het hier over hebben. Je ziet een snelle tocht door nauwe gangen en vloeibare ruimtes, waarbij je als kijker het gevoel hebt in een capsule te zitten die zich razendsnel een weg baant door een buitenaardse, virtuele ruimte, gang na gang na gang. De plastische vormen van de ruimte voert naar de associatie met een verfoppervlak waardoorheen je als een micro-organisme een weg trekt. Je ziet een ongekende geschilderde wereld. Je daalt af in de ingewanden van het schilderij. Dat is als metafoor een samenvatting van waar het in het werk van Van Hanegem over lijkt te gaan. De tentoonstelling in Lokaal 01 is zeker zo interessant als die in De Beyerd. Of anders gezegd, wie het werk van Van Hanegem beter wil verstaan, doet er goed aan naar Lokaal 01 te gaan. Daar hangt werk van David Reed, Peter Struycken, Gerald van der Kaap, Bernard Frize, samen met twee werken van Van Hanegem. Die keuze van kunstenaars plaatst zijn werk in een verband dat veel duidelijk maakt. Indrukwekkend is het kleine paneeltje van Reed. Op een oranje ondergrond schildert hij twee vegen met een brede kwast over het vlak getrokken. Althans zo lijkt het. Want wie denkt dat de verf er echt pasteus en dik op zit, vergist zich. Als je het oog vanaf de zijkant over het paneeltje laat gaan, zie je een plat vlak en dus geen enkele vorm van verf in reliëf. En toch stralen die twee geschilderde bewegingen de suggestie uit als zou de verf er millimeters dik op zitten. Je zou zweren dat je zelfs licht- en schaduwwerking waarneemt. Het probleem ontvouwt zich. De vraag 'Wat zie ik?' voert rechtstreeks naar de vraag wat schilderkunst nou precies is. Dat is duidelijk niet een enkele weergave van de zichtbare werkelijkheid is. Ook als we wel onze werkelijkheid direct zouden herkennen op het schilderij, dan nog is daarmee geen antwoord gegeven op de vraag wat een schilderij in wezen is. Hoe zeer een schilderij ook zijn best kan doen om ons te doen geloven dat wat we zien een weergave is van de werkelijkheid, het blijft een leugen. Een schilderij is en blijft een tweedimensionaal vlak en geen driedimensionale ruimte. Ook een topografisch geschilderd landschap is, als we de achterkant bekijken, een plat stuk bruin linnen in een spieraam. Dat is wat David Reed ons wil zeggen. Zijn schilderijtje is een perfecte vorm van trompe-l’oeil, letterlijk een vergissing van het oog. Peter Struycken van wie er twee werken op de wand tegenover Reed hangen, brengt het oog op een andere manier in verwarring. Via de computer heeft hij een beeld geschilderd dat bestaat uit talloze abstracte vormen die door een bepaalde ordening bijeen worden gehouden, zonder dat je als kijker echt greep krijgt op deze virtuele wereld. De manieren om ernaar te kijken en dus dat wat je ziet te organiseren lijken eindeloos. De vormen komen naar voren en wijken terug, gaan over elkaar heen en staan naast elkaar, ogenschijnlijk zonder rangorde. Dat levert weer de illusie op dat er geen einde is aan wat wij zien. Gerald van der Kaap heeft foto’s van een ongedefinieerd landschap gemonteerd tot een plat vlak en heeft zo de omgekeerde weg bewandeld. Hij vertrekt niet zoals de schilder van uit het platte schildersvlak om de suggestie van een echte driedimensionale weergave te bereiken. Hij fotografeert een echte wereld en monteert die zodanig dat de derde dimensie als het ware verdwijnt en er een plat vlak overblijft. Lopend door deze kleine tentoonstelling kom je steeds weer terug bij de doeken van Ab van Hanegem die steeds meer aan betekenis winnen. Want een ding is duidelijk: hier wordt het probleem van de schilderkunst aan de orde gesteld dat tot verschillende oplossingen leidt. Maar allemaal passend in de typisch Nederlandse, formele traditie. Dat is de kunst van Vermeer en Saenredam, van Mondriaan, Schoonhoven en Dibbets. De Beyerd, Boschstraat 22, Breda; open di t/m vr van 10 tot 5 uur en za en zo van 1 tot 5 uur. De tentoonstelling duurt tot 25 juni. Lokaal 01, Kloosterlaan 138, Breda; open van di t/m zo van 1 tot 5 uur. Deze presentatie duurt tot 29 mei.